SCE-subsidie en energieprijzen
17 juli 2026

De definitieve correctiebedragen voor de SCE-subsidie (Stimulering Coöperatieve Energieopwekking) zijn gepubliceerd. De cijfers laten zien dat de markt voor elektriciteit zich in 2025 ten opzichte van het jaar ervoor relatief stabiel ontwikkelde. Hoewel geopolitiek en onzekerheid op de internationale energiemarkten de energieprijzen nog altijd beïnvloeden, bleven grote prijsschommelingen vooralsnog uit. De waarde van zonnestroom is in 2025 iets hoger dan in 2024.
Wat betekent dit voor de inkomsten uit zonnestroom?
Bij de berekening van de SCE-subsidie kijkt RVO naar:
- De gemiddelde marktprijs voor stroom (de EPEX-basislast)
- De profiel- en onbalansfactor (P&O-factor), die weergeeft in hoeverre de productie van zonnestroom aansluit op het landelijke elektriciteitsverbruik
De waarde van de opgewekte stroom wordt vervolgens berekend met de volgende formule:
EPEX-basislast × P&O-factor = waarde van de teruggeleverde stroom
Voor zon-PV-installaties die produceren tijdens uren met negatieve stroomprijzen bedroeg de EPEX-basislast in 2025 €0,0868 per kWh (2024: €0,0772 per kWh). De bijbehorende P&O-factor bleef gelijk op 0,375. Hierdoor komt de berekende waarde van de opgewekte stroom uit op €0,0326 per kWh, tegenover €0,0289 per kWh in 2024.
Flexibiliteit wordt steeds belangrijker
De markt laat zien dat het traditionele model, stroom opwekken en direct terugleveren aan het systeem, steeds minder vanzelfsprekend is. Door de toename van zonne-en windstroom, zijn er vaker situaties waarin veel elektriciteit tegelijkertijd wordt aangeboden. Dat zet de waarde onder druk. Om die reden wordt het steeds belangrijker om opwek en verbruik beter op elkaar af te stemmen. Hoe beter lokaal opgewekte energie direct kan worden gebruikt, opgeslagen of gestuurd, hoe hoger de waarde voor een coöperatie en haar leden.
Greenchoice biedt diverse slimme oplossingen die je kunnen helpen meer uit je opwekprojecten te halen.
Onbalanskosten niet langer in SCE-regeling
Vanwege Europese regelgeving worden de onbalanskosten vanaf dit jaar niet langer vergoed in het SCE-correctiebedrag. Dit heeft ook gevolgen voor coöperatieve projecten. In plaats daarvan maakt het Planbureau voor de leefomgeving (PBL) een schatting van de onbalanskosten en neemt deze in het basisbedrag op. Deze kosten worden bij de energieleverancier in rekening gebracht. Een grondige prognose en de deskundigheid van de energiepartner kan hierbij een groot verschil maken. In de volgende nieuwsbrief leggen we je uit waarom Greenchoice de juiste partner is om deze kosten zo laag mogelijk te houden.
